Ik kom er steeds vaker achter dat de spreekwoorden en gezegden die wij kennen, van nu en uit het verleden, wel degelijk een goede reden van bestaan hebben. Ik heb het dan niet zozeer over de betekenis of de boodschap van het spreekwoord of het gezegde, maar gewoon de daadwerkelijke letterlijke tekst. Alles heeft een logische oorsprong en is toepasbaar in de praktijk. Neem bijvoorbeeld de rug.

Met je rug naar iemand toe staan of iemand de rug toekeren. Een brede rug hebben. Iets van je rug af laten glijden. Met de rug tegen de muur staan. Je kunt mijn rug op. Over de rug van een ander. Iets achter de rug hebben. De wind in de rug hebben. De rug recht houden. Afijn, zo zijn er nog vele uitdrukkingen, gezegden en spreekwoorden die gaan over de rug.

Wat al deze spreekwoorden over de rug in het algemeen aangeven, naar mijn mening, is dat de rug een sterk, beschermend lichaamsdeel is, waaraan je een flinke dosis kracht, flexibiliteit en doorzettingsvermogen kan ontlenen. En, weet je wat nu zo grappig is? Het klopt!

Kijkend naar de ligging van meridianen op het lichaam, liggen de meeste Yangmeridianen aan de buitenkant van het lichaam. Dat wil zeggen over de achterkant en voorkant van de benen, de buitenkant van de armen en handen, het (achter-) hoofd en de rug! De torso met de buik en de borst, de binnenkant van de armen en benen bevatten de Yinmeridianen en zijn daardoor veel kwetsbaarder.

De Yangmeridianen hebben meer beschermende, warme, sterkere, mannelijkere energie en zorgen voor kracht, flexibiliteit en weerstand. De Yangmeridianen beschermen dus de zachtere, kwetsbare Yinmeridianen die aan de voorkant en binnenkant van het lichaam lopen. De langste meridiaan is de blaasmeridiaan. Deze loopt onder andere aan weerszijden van de ruggengraat, door het bekken en aan de achterzijde van de benen naar de voeten. De blaas is het Yangorgaan en is gekoppeld aan Yinorgaan de nieren. Samen zorgen zij onder andere voor doorzettingsvermogen en wilskracht. Zien jullie hoe de puzzelstukjes in elkaar passen?

Ken je de Utkatasana? Ik ken deze pose beter als “King’s chair”, omdat deze pose altijd zo werd aangekondigd en dit onthoud ik nu eenmaal makkelijker dan de originele namen van alle poses. Ik dwaal af. Utkatasana, even als een voorbeeld, is zwaar voor de bovenbenen en je voelt de spieren daar dan ook echt ‘branden’. Het liefst zou je snel weer door willen naar de volgende pose. In Utkatasana blijven staan vergt conditie, maar vooral ook wilskracht en doorzettingsvermogen.

Wetend dat de blaasmeridiaan over de rug loopt, probeer ik dus bij deze pose altijd zo goed en maximaal mogelijk de rug te strekken, het borstbeen op te tillen en met de schouders laag, mijn armen omhoog, handen en vingers krachtig en maximaal te spreiden. Waarom? Wilskracht en doorzettingsvermogen! Dit geeft mij de extra boost om deze pose vol te houden. Zo stimuleer en strek je namelijk ook de blaasmeridiaan en activeer je deze. En, ondanks de pittige pose, laat je alles zo van je rug glijden.

Namasté!

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *